Lezing – Jazz in muziek

Dirigent Bas Wiegers – Solist Arthur Jussen

CLAUDE DEBUSSY – Général Lavine
TREVOR GRAHL –Screen Memories
MAURICE RAVEL – Pianoconcert voor de linkerhand
BÉLA BARTÓK – Concert voor orkest


HOOFDTHEMA’S

NSO – VRIJ 1:
Inleiding: kunst, uitvindingen, geschiedenis
Debussy: Preludes, Ed Lavine, Luc Brewaeys
Ravel: Wittgenstein, Blues & Gypsy

ga naar Folklore aan de grenzen 
Verdrag van Trianon – Bartok: “de laatste geaarde componist van de 20ste eeuw ” 
Symmetrie – Asymmetrie – Toeval :  Fibonacci ; Grahl
Leuk tip!
Films/commercials: voorbeelden van Debussy en Ravel werken in hedendaags cultuur


KUNST

Impressionisme (1860-1890)
Postimpressionisme (1884-1904) Neo-impressionisme (Pointillisme en Divisionisme) Luminisme Symbolisme (1884-1914) Cloisonnisme
Moderne kunst (1890-1970) Art nouveau (Jugendstil) (1880-1914) Art deco (1920-1940) Schilderkunst van de 20e eeuw Abstracte kunst Conceptuele kunst (1960-heden)
Postmodernisme (1970-heden)
Hedendaagse kunst Schilderkunst van de 21e eeuw Actuele kunst

Klassieke muziek uit de 20e eeuw
Impressionisme (tot 1900) Claude Debussy en Maurice Ravel
 

Neoromantiek

(vanaf 1915) Richard Strauss, Gustav Mahler en Hugo Wolf,  George Enescu
Neoclassicisme Igor Stravinsky Francis Poulenc leden van de Groupe des Six ;  Paul Hindemith;
Expressionism (1918) Gustav Mahler, Alban Berg en Schoenberg ontwikkeling tot andere richting: de vrije tonaliteit en later serialisme.
Groupe des Six (vanaf 1920) Georges Auric; Louis Durey, Arthur Honegger ; Darius Milhaud ;Francis Poulenc; Germaine Tailleferre (de enige vrouw in de groep)
Dodecafonie (vanaf 1923) Arnold Schönberg
Musique Concrète (vanaf 1949) Pierre Schaeffer
Serialisme (vanaf 1950) Pierre Boulez
Microtonale muziek (vanaf 1950) Harry Partch
Aleatorische muziek (vanaf 1963) John Cage
Minimalistische muziek (vanaf 1970) Steve Reich en Philip Glass Simeon ten Holt
elektronische muziek Karlheinz Stockhausen
Eigentijdse klassieke muziek (1975 – nu)

UITVINDINGEN

  •  de telefoon -in 1875- toe aan de Schotse uitvinder Alexander Graham Bell (1847-1922).
  • Maria Salomee Skłodowska-Curie (1867-1934) radioactieve materialen, met name uraniumerts -1903 de Nobelprijs in de natuurkunde
  •  Fransman Louis Braille (1809-1852) In de loop der tijd is ook een braillesysteem voor muziek, voor wiskunde en tekstverwerking op de computer ontwikkeld
  • Albert Einstein (1879-1955) –relativiteitstheorie

 


GESCHIEDENIS

De Wereldtentoonstelling 1889 Parijs.Paris_1889_plakat

De Eerste Wereldoorlog, die ook de Wereldoorlog of de Grote Oorlog werd genoemd, was gecentreerd in Europa die begon in 1914 en duurde tot 1918.

In 1917 braken er rellen en onlusten uit in het Russische Rijk en daarop volgde een revolutie. Aan het eind van dat jaar, in de Oktoberrevolutie, werd het regime van de Romanovs omvergeworpen waarna de bolsjewieken de Sovjet-Unie stichtten.

In 1918 verspreidde zich een griepgolf over de wereld.

Het Verdrag van Trianon werd in 1920 gesloten tussen de overwinnaars van de Eerste Wereldoorlog en de overgebleven rompstaat Hongarije.

Dan de opkomst van de fascisten en Benito Mussolini in 1922.

Nazi-Duitsland viel op 1 september 1939 Polen aan – Het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk verklaarden op 3 september 1939 de oorlog aan Duitsland- De Tweede Wereldoorlog.


Claude Achille Debussy ( 1862 – 1918)

Binnen het gezin Debussy werd weinig aan muziek werd gedaan en door bemiddeling van madame Mauté, de schoonmoeder van de dichter Paul Verlaine, mocht hij in 1873 naar het Conservatoire de Paris, ook volgde hij korte tijd lessen bij César Franck. In 1879 met de steun van  weldoenster van Tsjaikovski, gravin Nadezjda Filaretovna von Meck, maakt hij een tournee door RuslandNa terugkeer volgde hij compositielessen – advies eenvoudiger te schrijven, wilde hij in aanmerking komen voor de Prix de Rome.  In 1884 lukte hem dit met zijn cantate L’enfant prodigue, (hoewel de componist Charles Gounod, die hem als genie beschouwde, voor hem in de bres moest springen). Hij zei  in Rome niet tegen het klimaat te kunnen, zich niet te interesseren voor de antieke kunst en zich regelrecht te ergeren aan de feesten die hij moest bijwonen. Hier schreef hij het orkeststuk Printemps, dat door de jury in Parijs werd weggehoond. De secretaris van de Académie schreef in zijn rapport dat het zeer wenselijk zou zijn als Debussy zich niet verloor in dit soort impressionisme, dat hij als een van de gevaarlijkste vijanden van kunstwerken beschouwde. Hiermee was de breuk tussen hem en de leiders van de Académie volkomen.

Vanaf 1909 wist Debussy dat hij aan kanker leed ziekte waar hij aan overleed (na veel cocaïne en morfine pijnstilling). Daarnaast was het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog een grote domper, waardoor hij het maandenlang niet kon opbrengen te componeren. Debussy stierf tijdens het laatste Duitse offensief toen Parijs met langeafstandsgeschut en vanuit luchtschepen werd gebombardeerd.

Debussy heeft de muziek in heel nieuwe banen geleid. Met zijn aparte klankcombinaties en harmonieën schreef hij tal van originele werken, waaronder:Prélude à l’après-midi d’un faune (1894), Pelléas et Mélisande (1902),La Mer (1903-1905),Ibéria (1908),Jeux (1913).

Tijdens de Wereldtentoonstelling van 1889 in Parijs raakte hij onder de indruk van Spaanse en vooral ook Javaanse muziek, met name van de klanken van de gamelan.

Een GolliwakNegro village” (village nègre), waar 400 inheemse mensen werden tentoongesteld in de wereldtentoonstelling was een van de grootste attracties.  De cakewalk is een dans die oorspronkelijk door donkere Amerikaanse slaven werd gedanst (de beste dansers kregen een cake als prijs). Op het einde van de 19de eeuw beïnvloedde de dans de ragtimemuziek en jazz in de Verenigde Staten. De golliwogg is een poppetje met zwart gezicht en zwart haar. Inderdaad zijn deze onderwerpen nu zeer controversieel maar destijds hoorden ze bij de nieuwtjes en de attracties. 

 

Préludes
Préludes (in totaal 24 composities), boek-1 en -2. Elk boek bevat 12 stukken, die allemaal voorzien zijn van een titel. Deze staat echter niet – zoals gebruikelijk – aan het begin van het stuk maar aan het eind ervan; de muziek komt op de eerste plaats en is niet bedoeld als beschrijving van een beeld. Ook had Debussy er een hekel aan om impressionist genoemd te worden vanwege de associatie met gebrek aan structuur. Sinds Frédéric Chopin heeft een aantal componisten een serie van 24 preludes (in elke toonsoort 1) geschreven, preludes (= voorspel) zonder vervolg. Zo niet Debussy.  Alle 24 préludes zijn door de Nederlandse componist Willem Strietman, door de Engelse componist Colin Matthews en door de Belg Luc Brewaeys voor groot symfonieorkest gezet. En enkele dirigenten en arrangeurs hebben een of meer préludes voor orkest bewerkt. (Leopold Stokowski arrangeerde bijvoorbeeld La cathédrale engloutie voor symfonieorkest).

Préludes livre I (boek I) 1909-1910

  1. Danseuses de Delphes (Danseressen van Delphi)
  2. Voiles (Sluiers of zeilen van een schip)
  3. Le vent dans la plaine (De wind in de vlakte)
  4. Les sons et les parfums tournent dans l’air du soir (De geluiden en de geuren draaien in de avondlucht – naar een dichtregel uit Charles Baudelaires bundel Harmonie du soir, ofwel ‘Avondlijke samenklank’.)
  5. Les collines d’Anacapri (De heuvels van Anacapri)
  6. Des pas sur la neige (Voetstappen in de sneeuw)
  7. Ce qu’a vu le vent d’ouest (Wat de westenwind gezien heeft)
  8. La fille aux cheveux de lin (Het meisje met vlasblond haar)
  9. La sérénade interrompue (De onderbroken serenade)
  10. La cathédrale engloutie (De gezonken kathedraal)
  11. La danse de Puck (de dans van Puck)
  12. Minstrels (Minstrelen)

Préludes livre II (boek II)  1910-1912

  1. Brouillards (Nevels)
  2. Feuilles mortes (Dode bladeren)
  3. La Puerta del vino (De wijnpoort, naar aanleiding van een bezoek aan het Alhambra)
  4. Les fées sont d’exquises danseuses (De feeën zijn verfijnde danseressen)
  5. Bruyères (Heidestruiken)
  6. Général Lavine. Excentric (Generaal Lavine. Zonderling)
  7. Ondine
  8. La terrace des audiences du clair de lune (Terras met toehoorders in maanlicht)
  9. Hommage à Samuel Pickwick Esq.P.P.M.P.C. (Eerbetoon aan…)
  10. Canope
  11. Les tierces alternées (alternerende tertsen)
  12. Feux d’artifice (Vuurwerk, geïnspireerd op de Wereldtentoonstelling van 1889 in Parijs, bevat aan het eind een citaat uit de Marseillaise)

Edward Lavine “Ed Levine – de eewige soldaat”

was een beroemd peronaje van de international vaudeville van die tijd. – een music-hall jongleur. Hij trad op 2 keer in Marigny Theatre in Paris 1910 and 1912 – later produceerde hij Army “service bars” in his desert town in California.Bleek de enige mensellijk peronaje waar Debussy een musikaal portret van maakt.
-Lavine is a tall man, and his ‘uniform’ was calculated to make him look even taller–one of the New York reviewers

 


Luc Brewaeys (19592015)

heeft  Général Lavine. Excentric (Generaal Lavine. Zonderling) voor groot symfonieorkest gezet. De Belgisch componist en muziekregisseur was sinds 1985 werkzaam was als geluidsingenieur voor de Vlaamse Radio Televisie en behoort tot het neoimpressionisme. Hij overleed in december 2015 op 56-jarige leeftijd na een jarenlange strijd tegen de kanker. Hij noemde zichzelf:  een man zonder aanleg tot kankeren en met een gevoel voor tumor. Meer: NSO – VRIJ 2:


Paul Wittgenstein (1887 – 1962)

Wittgenstein werd geboren in Wenen joodse ouders, de zoon van de industrieel Karl Wittgenstein en Leopoldine Maria Josefa Kalmus. Zijn broer Ludwig de bekende filosoof werd twee jaar later geboren. Het huis werd vaak bezocht door vooraanstaande culturele figuren, waaronder de componist Johannes Brahms, Gustav Mahler, Josef Labor, en Richard Strauss, met wie de jonge Paul speelden duetten. Zijn grootmoeder, Fanny Wittgenstein, was een nicht van de violist Joseph Joachim. Kort na zijn veelbelovend debut sloeg het noodlot toe: bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog vertrok Wittgenstein naar het Russische front. Hij werd neergeschoten in de elleboog en gevangen genomen door de Russen tijdens de aanval op de Oekraïne, en zijn rechterarm moet worden geamputeerd.

Desondanks bouwde Wittgenstein na de oorlog een succesvolle carrière op, hij slaagde erin een techniek voor de linkerhand tot het uiterste te perfectioneren. Wittgenstein legde zich niet alleen toe op bestaand repertoire voor de linkerhand, hij gaf ook componisten de opdracht nieuwe werken te schrijven.

Oliver Sacks schrijft een geheel hoofdstuk in zijn boek Musicophilia. Tales of Music and Brain (2017) – Duitse editie: De eenarmige pianist. Over muziek en de hersenen– uitgeverij Rowohlt


In de TV show “De Wereld van Boudewijn Buch” (1988-2001) werd het als “intro” gebruikt .


RAVEL – BLUES & GYPSY

Maurice Ravel  ( 1875-1937)

ZwitsersBaskische afkomst geldt als een van de voornaamste componisten van de 20e eeuw en, met zijn oudere landgenoot Claude Debussy, als de belangrijkste impressionist in de klassieke muziek, en als voorloper/initiator van het expressionisme. In 1889 toegelaten aan het Parijse conservatorium. Zijn pianistenopleiding maakte hij niet af. Na zijn voortijdige vertrek van het conservatorium keerde hij er in 1897 terug om bij Gabriel Fauré compositielessen te volgen. Tijdens zijn compositieopleiding deed Ravel verschillende vergeefse pogingen om de Prix de Rome te winnen. Niettemin begon Ravel naam te maken als componist en voor de Ballets Russes van Sergej Diaghilev schreef Ravel in 1912 het grootschalig opgezette ballet Daphnis et Chloé. In 1913 leerde Ravel Igor Stravinsky kennen, met wie hij samen Moessorgski‘s onvoltooide opera Chovansjtsjina bewerkte. Tijdens de Eerste Wereldoorlog diende Ravel zijn vaderland als vrachtwagenchauffeur in het leger, nadat hij als jongeman wegens zijn geringe postuur was afgekeurd voor militaire dienst. Gedurende zijn laatste levensjaren was Ravel ten gevolge van een niet geheel opgehelderde neurologische aandoening niet meer in staat te schrijven. Hij stierf op 28 december 1937, 62 jaar oud, in een Parijs ziekenhuis. Ravel is, ondanks verschillende langdurige relaties, nooit getrouwd en is kinderloos gebleven.

Klassieke muziek uit de 20e eeuw

Als algemene overeenkomst van al deze verschillende genres is het toenemende gebruik van dissonantie in de compositie. Om deze reden wordt de 20e eeuw soms ook wel de dissonante periode genoemd.

Het impressionisme  kwam tot bloei in de periode van circa 1870 tot 1910, en ging daarna min of meer over in expressionisme en serialisme. In de romantiek waren emotie en persoonlijkhed de toonzetters in impressionistische was sfeer belangrijker dan de emotie. Ook de toenemende mechanisatie en industrialisatie drukten hun stempel op de voortgang van de stroming.

Ook de invloed van oosterse muziek werd groter, vanwege toenemende kennis over Arabische, Indiase, Chinese en Hindoestaanse muziek. Een voorbeeld is Debussy’s “Pagodes” een stuk met Javaans-georiënteerde elementen (imitatie van Gamelan). Het tonale componeren wordt verlaten in ruil voor Pentatoniek het gebruik van een toonreeks bestaande uit vijf tonen. (pente  is Grieks voor 5). Vele culturen en muziekstromingen gebruiken de pentatoniek, maar vooral Chinese muziek, Keltisch-Ierse en Schotse muziek, Indiaanse muziek en blues, jazz staan er om bekend.

In Nederland: Alphons Diepenbrock, Jan Ingenhoven en Rudolf Escher (halfbroer van de graficus Maurits Cornelis Escher).

In het late impressionisme verschijnen invloeden van de uit Amerika overgewaaide vroege jazz-cultuur. Voorbeelden: The Little Negro van Debussy, Pianoconcert in G van Ravel en de Blues van zijn viool sonata:


Benny Goodman – klarinet

“rag…jazz”in klassieke muziek speellijst:


Jelly d’Aranyi, – Hunyadvári Aranyi Jelly 1893 –  1966)

Jelly  werd geboren in Boedapest, nicht van Joseph Joachim en zus van de violist Adila Fachiri. Ze begon haar studie aan de piano maar is overgestapt op viool en aan de Muziekacademie in Boedapest Jenő Hubay heeft haar geaccepteerd als student. Na concerttournee van Europa en Amerika als solist en kamermusicus ze vestigden zich in Londen. Op memorabele momenten, gaf ze samen met  Béla Bartók sonate recitals  in Londen en Parijs. Zijn sonates waren gewijd aan haar zus Adila, maar Jelly en Bartók speelden ze in Londen maart 1922 (No. 1) en mei 1923 (nr 2).
Ze was een uitstekend vertolker van klassieke, romantische en moderne muziek. Na dat d’Aranyi, op Maurice Ravel zijn verzoek, “zigeuner” vioolmuziek voor hem speelde op een avond, schreef hij  Tzigane voor viool en luthéal (1924) . De luthéal is een vleugel die zodanig is geprepareerd dat de klankkleur veranderd kan worden en kan beschouwd worden als een voorloper van de geprepareerde piano.

 

 

Advertisements